Clausule in leveringsakte met gevolgen voor erfgenamen koper

Printvriendelijke versie

Soms wordt een onroerende zaak – pand of stuk grond – aan iemand verkocht met de clausule om de zaak eerst aan de verkoper aan te bieden als de koper de zaak verkoopt, verhuurt of als hij de zaak “metterwoon” verlaat, dus er niet langer woont.

Bij overlijden van de koper kan dit voor de erfgenamen toch wel voor onduidelijkheden zorgen. Soms zelfs wordt de zaak al aan een erfgenaam toegedeeld. Voor de oorspronkelijke verkoper staat dan – naast in de toedeling berusten – alleen nog de weg naar de rechter open.
Het Hof Amsterdam heeft in een dergelijke zaak uitspraak gedaan. Een dergelijke clausule legt verplichtingen vast die uitsluitend tussen de oorspronkelijke partijen gelden. Volgens het Hof zijn hieronder ook rechtsopvolgers begrepen. Het gaat er om of beide partijen destijds bij het maken van de afspraak elkaars verklaringen en gedragingen goed begrepen. Bij de beoordeling daarvan kan meespelen of partijen nogal van elkaar verschilden qua maatschappelijke status en of beiden vergelijkbare rechtskennis bezaten. Als blijkt dat partijen destijds gelijkwaardig waren, is er sprake van een beding met wederkerig karakter.
De omschrijving “metterwoon verlaten” houdt in dat het gebruik van de betreffende zaak eindigt zonder dat het wordt verkocht of verhuurd. Met het overlijden van de koper is op datzelfde moment een aanbiedingsplicht voor de erfgenamen ontstaan. Zij moeten daarom de zaak volgens de regels van het beding te koop aanbieden aan de oorspronkelijke verkoper.

Wilt u meer weten over bedingen in de koop- en leveringsakte van een onroerend zaak? Bel ons voor het maken van een afspraak. Of deze virtueel zal zijn of bij ons op kantoor is afhankelijk van de op dat moment geldende richtlijnen rond covid-19.